Publicatiies:
Over mijn kunst in:
2017 'veraf dichtbij' boek door Eddy Wullink; 2 blz over mijn werk
2017 Catalogus Matrices 2017,international exhibition elektrografic art,Hungary
2014 Agenda, kunstmaand Ameland
2014 Schriversronde Oldenbekoop catalogus boekbindwedstrijd
2013 Catalogus, Fifth International Artists'Book Exhibition Budapest Hungary
2013 Catalogus, Electrografic art Bienale Budapest, Hongarije
2012 Sieraadvormen 3-D, Papiermanifestatie, Loenen
2011 Onder duizend kleuren grijs

2010 Catalogus Matrices 2010,international exhibition elektrografic art,Hungary
2010 Catalogus Fremd, Freund , Natur, Dotlingen, Germany
2007 Catalogus Matrices 2007,international exhibition elektrografic art,Hungary
2007 De Ommelander ('Kunst from Molenrij',door Eric Post) maart 2007
2007 Catalogus Pilgrims books; 1995-2009
2006 Catalogus; “Fourth International Artist Book exhibition.” Székesfehérvár,Hungary 2007
2006 “Tableau”, kunsttijdschrift, april 2007
2006 Nieuwsblad van het Noorden (door Bouwe van Norden -Jan 2006)
2006 “Kathmandu post: “Paper art expo” nov 4 2007
2002 The Sunday times ( Sri Lanka) mei 2002
2002 Daily News Indra ( Sri Lanka) 19 mei 2002.


1993-2008 Verschillende boeken gepubliceerd in Guinee Bissau, Portugal, Nepal, Sri Lanka en Nederland.
Zie een selectie van deze boeken op deze site in de rubriek boeken.

Drie artikelen over mijn werk:
1.Interview door Jos Schoffelen ( Blad Kloosternijs; 2007)

wie?
Eva Kipp
Woont in Molenrij, waar haar atelier en thuishaven is. Maar zij reist veel, vooral in Afrika en Azie, en eigenlijk is de wereld haar atelier.

wat?
Schildert, fotografeert, maakt boeken en illustreert boeken, maakt installaties, acties, maakt beelden, maakt heel veel heel bijzondere kunstenaarsboekenboeken.
Ze gebruikt soms hele experimentele technieken. Tekeningen met pigment op heel fragiel nepalees papier ingevroren in ijsblokken. Beelden van papier.

hoe?
De gelegenheid maakt niet uit. Of het nu Nepal of Burkina Fasso of Molenrij is. Werken met mensen en gebeurtenissen en plekken de wereld waar zij aanwezig is. Of met haar eigen fantasie die altijd doorgaat. Of, wat ze ook graag doet, in samenwerking met anderen. Haar atelier in Molenrij is daarbij een plek waar ze haar eigen sfeer heeft gecreëerd. Daar wordt ze niet gestoord. Het is een concentratiepunt. Maar dat kan net zo makkelijk weer uitdijen tot de tuin of de rest van de wereld.

wanneer?
Zij is feitelijk altijd met werk bezig, wat ze meemaakt, wat ze ziet, het leidt allemaal tot ideeën die rondspoken, en dat laat ze niet meer los tot er een beeldende vorm voor gevonden is. Dat gaat steeds door. Alleen als alles op zijn kop staat door een verbouwing of verhuizing is ze een keer niet gefocust op haar werk.
waarvandaan
Studie Culturele Pedagogiek. Daarna de Filmacademie. Naderhand een tweejarige zelfstandige opleiding aan de Filmacademie. En op latere leeftijd (alles is relatief) deed zij de Kunstacademie Minerva in Groningen. Tijdens die studie, in de basis, ging zij, met toestemming van de academie, voor langere tijden op reis. Ook voor haar eindexamen was zij op reis. Haar ontwikkeling heeft niet zozeer plaatsgevonden door de studie, maar eigenlijk andersom, die instituten waren een gelegenheid tot experimenteren, tot focus voor eigen ideeën van elders, en ook stimulatie, toch, door een paar inspirerende leraren.
Ze heeft haar hele leven gereisd, en ze verzamelt sprookjes

waarheen?
Er is veel verschil in het maken van vrij werk, of dingen doen voor een specifieke doelgroep, of werk in opdracht. In het vrije werk kan ze vooral haar fantasie de vrije loop laten. Een mooie serie foto’s van zeepbellen op allerlei plekken, waarin de wereld veelvoudig reflecteert. Bij werk in opdracht (ook in opdracht van zichzelf, voor een doelgroep) is ze uiteraard meer gebonden aan de bedoelingen van dat project. Maar ze werkt ook graag samen met anderen. Aan boeken vooral, die ze dan meestal helemaal zelf maken, tot en met de kaft. Als er een kaft is, want die boeken nemen vaak hele bijzondere vormen aan. Zo is er een boek in de vorm van een doos met werk op papier op grote bananenbladeren.

waarom?
De eindeloze variatie van beelden. Van de wereld daarbuiten waar zij intensief deel van uitmaakt, de mensen, de plekken. En de sprookjeswereld. En de wereld van de poëzie. En de wereld van de fantasie, werelden in werelden. Reflectie, in letterlijke en overdrachtelijke zin. Het is teveel om allemaal uit te voeren. Kiezen is ook een onderdeel van het werkproces.

"Sunday Times," Colombo, Sri Lanka, 2002: Dreaming in Colour.

Sri Lanka’s complexe persoonlijkheid leverde de inspiratie voor deze expositie
“Dreaming in Colour” is een tentoonstelling van de Nederlandse kunstenares Eva Kipp.

Deze tentoonstelling is gebouwd rond Eva’s dagboek 2000, een jaar waarin vele facetten van Sri Lanka’s karakter haar dromen tot leven brachten. Deze vonden hun weg in kleurrijke gouache schilderingen op Nepalese handgeschept papier, geschilderde houten hand vormen, acrylschilderijen op linnen, de gesneden en beschilderde mahoniehouten kamerschermen, een installatie, een boek over 400-jaar oude Nederlandse graven in Sri Lanka en een miniatuur-kunstboek van haar dagboek 2000.


Voor „Dagboek 2000“ vond zij inspiratie in de schoonheid van het natuurlijke milieu van Sri Lanka en zijn fascinerend culturele leven. Zwemmend in de tropische zee met haar dochter, het zingen van monniken, de Kandy parade bij kaarslicht, de zingende vissen van Batticaloa; ze komen allemaal als onderwerpen in haar werk te voorschijn.

Wij vroegen Eva wat haar voor dit dagboek inspireerde.
„Met 18 kunstenaars uit verschillende landen, besloten wij elk een „dagboek 2000“, het eerste jaar van het nieuwe millennium, te gaan maken. Het dagboek mocht van elke vorm of materiaal zijn en we hielden via internet contact met elkaar. Ik wilde altijd al een beeldend dagboek bijhouden maar dacht dat ik niet de zelfdiscipline had om het te vol te houden. Dit project gaf me echter de impuls wel dagelijks een dagboek bij te houden.

„U hebt in Nepal, Afrika en Sri Lanka geleefd. Hoe heeft reizen uw kunst beïnvloed?“

Reizen is een rode draad door al mijn kunstwerk heen. Ik heb altijd gereisd, en ik heb mede door mijn free-lance werk, geprobeerd om me in het dorpsleven van die landen onder te dompelen. Want alleen zo had ik het idee dat ik de mensen en het land kon leren begrijpen en waarderen.

Het leven in Sri Lanka stelde me aan alle soorten uitersten bloot.
Er was de schitterende schoonheid van de natuur, kleurrijke vogels en bloemen, en de diepe geheimzinnige wijsheid van de oude werelden die je bijvoorbeeld zag in de grotschilderijen in Dambulla en in de oude stad Pollonaruwa.
Ik werd me ook bewust van dingen die normaal aan het oog onttrokken waren.
Zo werkte ik in een vissers gemeenschap in het moeras bij Necombo. De gemeenschap was katholiek; beelden van Maria en Jezus stonden op elke hoek. Maar toen ik met de vissers sprak, vertelden ze met overtuiging over daar rondlopende geesten en geesten die zichzelf in mensenetende krokodillen veranderden.

Ik werd gefascineerd door de tegenstrijdigheid van hun Katholicisme met dit sterke animistische geloof. Wanneer een persoon in dit dorp ziek is, voeren de duivelsdansers de hele nacht door dansen uit. De volgende dag, moet de zieke een pompoen door de helft hakken en als hij slaagt, is hij genezen. Mijn dromen werden deze periode, werden gevuld met demonen, duivels en spoken.“

Tegen de achtergrond van de natuurlijke schoonheid, speelt zich echter ook een vreselijk conflict af wat angst, zorg en verwarring met zich meebrengt.
Het werken met kinderen in verschillende delen van het land wiens leven sterk door het conflict wordt beïnvloed gaf haar een beter inzicht in dat aspect van de werkelijkheid van Sri Lanka.

„De geschilderde houten handen doen denken aan de hennahanden
van India. Wat is hun betekenis?“

„Ik reisde veel voor mijn werk en besloot aandacht te geven aan wat mijn handen tijdens de dag ervoeren: Thee makend, verven mengend, papier knippend, bloemen schikkend. Na enige tijd, voegde ik daar dingen aan toe die ik ter plekke zag, voelde en droomde. Aan het begin van elke maand, schilderde ik de belangrijkste dingen die gebeurden, als een soort samenvatting van de maand, op een paar houten handen.


„Deze tentoonstelling toont ook afbeeldingen van grafstenen van Nederlandse begraafplaatsen. Wat uw inspiratie hiervoor?“

Het „Nederlandse Museum in Pettah huisvest een klein aantal oude
Nederlandse grafstenen. Ik werd geraakt door het feit dat de Nederlandse mensen hier zo lang geleden hadden geleefd en werd nieuwsgierig over hoe zij hun dagelijks leven eruit zag. Hoge Nederlandse ambtenaren hielden dagboeken bij die zijn gearchiveerd, maar ik wilde meer weten
Over het leven van de gewone Nederlandse mensen. Die werden door de VOC gecontracteerd om als houtbewerker, metselaar, of ingenieur te werken in Sri Lanka. Maar vooral de jonge vrouwen die met hun vaders of echtgenoten meereisden en waarvan niets is vastgelegd hadden mijn belangstelling.
Door de teksten op de grafstenen kon ik me het leven van deze vrouwen voor stellen. Zij huwden jong, rond de leeftijd van 14 jaar, en zij stierven vaak in hun tienerjaren veelal tijdens een bevalling. Zij hadden hechte
gezinnen en soms stierf een hele families binnen een week aan een onbekende ziekte.

Ik wilde een vorm vinden om aan anderen mee te delen wat ik over deze
levens voelde en ik gebruikte het wrijven van de grafstenen en kleine
kleurrijke detail foto’s van Sri Lanka samen de grafteksten en door een vriend van mij geschreven gedichten. Deze vrouwen waren Nederlands, zij probeerden een Nederlands leven te leven in een land wat duidelijk in elk aspect zeer verschillend was dan hun geboorteland.“

Waarom noemde u de tentoonstelling Dromend in Kleur?

Ik publiceerde een klein kunstboek de „De kleur van Goden, geluk en geweld”. Dit waren de drie meest opvallendste aspecten die in mijn werk in 2000 naar voren kwamen, en vooral ook in mijn dromen verschenen. Kleur is een belangrijk onmisbaar stuk van mijn leven.
Zonder kleur kon ik niet dromen en ik kon niet schilderen. Dus „Dromen in Kleur“ lijkt mijn gevoel over dit dagboek mooi samen te vatten.

INDRA
Colombo
Mei 2002


3.Leven/dood/religie ( n.a.v.Tentoonstelling in 'Klein 14', Rotterdam)
Leven, dood en religie
De ark
En God zag dat er kwaad was onder de mensen
Wir war en chaos- venijn, vlees en bloedgeweld
Meedogenloos dood, dood zonder zin vooral
Toen: grote vloed
Water stuwde kwaad bijeen
Golven en brekers hielden het er onder

Toevloed van water- tot boven de lippen
Adem benemend- de dood
Help, wij verzuipen!
Geen wal- geen oever- geen doorgang
Eindeloos toevloed van water

En daarbovenop
kist met acht mensen en bonte vogels van veren,
mensen van gisteren- de tijd van het kwaad in de genen
De ark op de dreigende dood van het water
als een doodskist- de doodskist wordt ark
Tijd tussen leven en dood
Of dood naar het leven?

Overgeleverd- overleven
Doorgang- gang voorbij aan het einde
God hoe lang nog?
Voorzichtig vliegt een duif
En komt niet weer
Dan: Tik-tik-tik- deksel open
Kom er maar uit- kijk eens hier
Kijk nou!
God maakte droog land
Voorbij is de nacht
Hier wordt het weer morgen
De dood is de doop
De boog aan de wilgen
Wij zullen weer leven- lang, langer dan de dood
lang zullen we leven in de gloria

Wat me zo opvalt in het gebundelde werk van Eva Kipp en Sacha de Ven
is het stilstaan in leven bij dood.
Stilstaan als een religieuze zucht
Als een ruimte- om uit te ademen en weer op te ademen
Als een tijd waar tijd niet meer telt

Verwonderd ben ik geraakt door de pracht waarmee Sacha en Eva
het religieuze weten te vangen
Als een verbinding tussen mensen van gisteren en mensen van morgen
Als een brug tussen leven en dood en leven
Om het onnoembare te benoemen
Om het onverklaarbare uit te drukken
Om het onzichtbare te verbeelden
Om met vakvrouwschap in te breken in de massieve dood

Klank- kleur- beeld- vorm- inhoud- taal- materiaal
Om te aanvaarden wat onaanvaardbaar is
Culturen- religies- hier en daar- toen en nu. All over the world

Er is op alle plaatsen – en ook bij Eva en Sacha-nieuwsgierigheid naar wat onvermijdelijk komt. Die andere kant van het zijn- hangen over de rand van het leven
Die andere werkelijkheid- hangen over de rand van de dood
Een zuchten zoeken en zien een leven als nieuw- misschien
Wie weet… Tik-tik-tik deksel open- kom er maar uit-
Of niet- is sterfelijkheid totale eindigheid- misschien?
Tasjes gevulde geuren en kleuren uit heden
Van mensen van allerlei slag
Klaar om te gaan

Er is altijd- en ook voor Sacha en Eva-
verlegenheid met wie niet in te halen voorbij is gegaan-
is geweest- voltooid verleden tijd
Weggewaaid uit deze kant van het zijn
Zo zoeken ze beiden tezamen loslaten en vasthouden
Herinneringen gekoesterd in de meest mooie boekjes en doosjes
Altaren als dromen- bewaring voor morgen
Orde en ritme- vorm en kleur- steken geregen-
Rust in het gaan

Er is in zulk voorlopig heden
een religieus wegen en overwegen
Onnoembaar benoembaar geworden
Onaanvaardbaar aanvaardbaar
Toevloed van inval- stroom
Van rust en van ritme- geordend
De schepping herschapen
De dood gestild
Gestold tot juweeltjes waarin tijd en eeuwigheid samenvallen
Leven, dood en religie gebundeld gebonden.
Morgen- morgen is het weer dag.

Ds Nel van Doorn
Rotterdam 2001